De perfecte coupe

Tijdens een metamorfose in Amersfoort, werden mijn geblondeerde krulslierten met flinke uitgroei omgetoverd tot een golvende bruine krullenmassa met highlights. De perfecte coupe. Geen lokje zat verkeerd. De goudbruine kleur deed mijn blauwe ogen oplichten.

Met de kleurencombinatie op zak ging ik enkel weken later naar een kapper in mijn woonplaats, die deze coupe moest evenaren.

 ‘Wat vreemd geknipt’, moppert het kapstertje terwijl ze met haar vingers aan een paar krullen trekt. ‘Er zitten allemaal hele korte plukje tussen.’

Dat die waren om de rest van de krullen te ondersteunen zodat er een luchtig geheel ontstaat, werd schamper afgedaan als onzin. Al mijn krullen werden door haar keurig per laagje even lang geknipt.

Dezelfde kleur? Nee, die hadden ze niet. Ander merk, andere kleur, daar kon ik inkomen.

Anderhalf uur later verliet ik de salon als een getoupeerde poedel. De krul viel niet lekker. Geen enkele krul krulde namelijk even sterk. Bovendien was mijn haar nat geknipt in plaats van droog zoals kapper één had aanbevolen, omdat je dan veel beter ziet hoe de krul valt. De kleurkeuze was een ramp. Het gekozen kastanjebruin bleekte razendsnel op in rossig rood.

Zes weken later: terug naar de kapsalon. Kapster nummer drie mocht zich aan mijn krullen wagen.

‘Wat zit dat raar in laagjes, zo krijg je automatisch een paddenstoelkapsel.’

Ikzelf vond het inmiddels meer lijken op een uitgezakte kwal  met tentakelslierten langs  mijn oren.

Dat dit kapsel het product van haar collega was, die bij de wasbak verwoed het vuil uit het haar van een oudere dame stond te schrobben, hield ik maar even voor me.

Nee, het moest compleet anders volgens deze kapster. Het ging helemaal goed komen. Geen strakke laagjes als een trappetje, maar mooi in elkaar overlopend, dan wordt de coupe mooi rond. De kleur werd aangepast, iets minder warm, lees: minder rood.

Met een kort getrimde donkerbruine kroeskop beende ik twee uur later de kapsalon uit.

Thuis voor de spiegel staar ik naar de resten van mijn ooit perfecte krullenpracht. Moest ik dan echt om de zes weken in de trein naar Amersfoort stappen om met een perfect kapsel te kunnen rondlopen? Ik schud mijn hoofd en haal met een woest gebaar de tondeuse tevoorschijn.  Ik klem mijn kiezen op elkaar. ‘Geen haar op mijn hoofd die daar aan denkt’, grom ik en trek de tondeuse met ferme halen over mijn steeds kaler wordende schedel.

Ook op Facebook!